Zelfportret als zeepaardje
Zelfportret als Zeepaardje. Memoires van W. Jos. de Gruyter (1899-1979)
W.Jos. de Gruyter (1899-1979) schreef vanaf de jaren twintig over moderne kunst. In zijn kritieken in onder andere het Haagse dagblad 'Het Vaderland' gaf hij helder aan hoe deze kunst te begrijpen is.
Willem Schrofer
Portret van W. Jos. de Gruyter
olieverf op doek, 1948-1949
Collectie Gemeentemuseum Den Haag
Als een van de eersten bewonderde hij het werk van Mondriaan. Bekend werd hij om zijn kritiek op de machtige kunstpedagoog H.P. Bremmer die hij een verstarrende invloed op Charley Toorop en Van der Leck verweet. Zelf maakte De Gruyter indruk met zijn boeken waarvan 'Wezen en ontwikkeling der Europese schilderkunst na 1850' (1935) een standaardwerk werd.
Naast beeldende kunst interesseerde De Gruyter zich voor literatuur, muziek en ballet en was hijgefascineerd door de samenhang tussen westerse en niet-westerse culturen. Na de Tweede Wereldoorlog bleef hij pleitbezorger van moderne en van niet-westerse kunst.
Tijdens zijn directoraat aan het Groninger Museum (1955-1963) verwierf hij kunst van Käthe Kollwitz, De Ploeg-kunstenaars en Pieter Ouborg. Als hoofdconservator verbonden aan het Gemeentemuseum Den Haag (1963-1965) heeft hij zijn droom, een tentoonstelling over Indianen, helaas niet kunnen realiseren. Terugkijkend op zijn drukke leven schreef hij in 1972-'75 zijn memoires die thans voor het eerst in druk verschijnen.
Zelfportret als Zeepaardje. Memoires van W. Jos. de Gruyter (1899-1979)
bezorgd door Hans Ebbink, Alied Ottevanger, Peter de Ruiter en Kriszti Vákár
RKD-Bronnenreeks, deel 3
Uitgeverij Thoth te Bussum
Paperback met flappen / 17 x 24 cm
496 pagina's met 120 illustraties
Verkoopprijs: € 39.90
ISBN 90 6868 369 1
Verkrijgbaar bij de balie van het RKD en in de boekhandel.